Specifieke regels Jeugdkorfbal

Binnen het korfbal zijn er bij de jeugd specifieke regels, die kunnen afwijken van wedstrijden bij de senioren, maar ook per leeftijdscategorie (C, D, E, F). Hieronder de specifieke regels. Bekijk ze even als je moet fluiten of als je (als ouder) geïnteresseerd bent. Ik zal ze ook in de kantine hangen.

C-jeugd; 2 vakken

1. Een gemengde ploeg bestaat uit vier speelsters en vier spelers. De sekseverdeling mag in het breedtekorfbal worden losgelaten indien er met hesjes wordt gespeeld, zodat het twee tegen twee principe blijft gehandhaafd. Als aanvullende voorwaarde geldt daarbij dat een speelster of speler in dezelfde wedstrijd altijd als dame of heer blijft spelen.
2. De afmeting van het speelveld is 40 x 20 m; Tot 30 juni 2026 is op bestaande kunstgrasvelden 50 x 25 m toegestaan.
3. er wordt gespeeld met een goedgekeurde bal nr. 5.
4. de afstand van de bovenrand van de korf tot de vloer bedraagt 3.50 m.
5. de palen worden geplaatst in de lengteas van het speelveld op een afstand vanaf de achterlijn, gelijk aan 1/6 van de lengte van het speelveld en in het midden van het speelveld, vanaf de beide zijlijnen.
6. de duur van de wedstrijd bedraagt: zaal- en veldkorfbal: 2 x 25 minuten. De rust bedraagt ten hoogste 10 minuten.
7. een vakwissel vindt plaats na twee doelpunten.
8. na rust wordt van korf gewisseld.
9. bij aanvang van de wedstrijd heeft de thuisspelende ploeg de uitworp; bij aanvang van de tweede helft heeft de uitspelende ploeg de uitworp. De uitworp wordt genomen in het midden van het speelveld.
10. In het wedstrijdkorfbal mogen conform bestuursbesluit 4.26 8 spelersvervangingen plaatsvinden, waarbij een vervangen speler opnieuw aan het spel mag deelnemen.
11. In het breedtekorfbal mogen onbeperkt spelerswisselingen plaatsvinden. In deze competitie is het toegestaan gewisselde spelers maximaal één keer opnieuw aan het spel te laten deelnemen. Daarbij geldt dat de nieuwe speler op het moment van wisselen niet aan de wedstrijd deelneemt. Het maakt niet uit in welk vak de speler, die wordt teruggewisseld, wordt ingezet.

 
D-jeugd; 2 vakken
1. Een gemengde ploeg bestaat uit vier spelers en vier speelsters. De sekseverdeling mag in het breedtekorfbal worden losgelaten indien er met hesjes wordt gespeeld, zodat het twee tegen twee principe blijft gehandhaafd.
2. De afmeting van het speelveld bij veldkorfbal is 40 x 20 m.
3. er wordt gespeeld met een goedgekeurde bal nr. 4.
4. de afstand van de bovenrand van de korf tot de vloer bedraagt 3 m.
5. de palen worden geplaatst in de lengteas van het speelveld op een afstand vanaf de achterlijn, gelijk aan 1/6 van de lengte van het speelveld en in het midden van het speelveld, vanaf de beide zijlijnen.
6. de duur van de wedstrijd bedraagt: zaal- en veldkorfbal: 2 x 25 minuten. De rust bedraagt ten hoogste 10 minuten.
7. een vakwissel vindt plaats na twee doelpunten in het wedstrijdkorfbal; in het breedtekorfbal om de 12 ½ minuut.
8. na rust wordt er van korf gewisseld.
9. in het wedstrijdkorfbal heeft de thuisspelende ploeg bij aanvang van de wedstrijd de uitworp; bij aanvang van de tweede helft heeft de uitspelende ploeg de uitworp. In het breedtekorfbal heeft de thuisspelende ploeg bij aanvang van de wedstrijd de uitworp; bij de eerste vakwissel na 12 ½ minuut heeft de uitspelende ploeg de uitworp enzovoort. De uitworp wordt genomen in het midden van het speelveld.
10. In het wedstrijdkorfbal mogen conform bestuursbesluit 4.26 8 spelersvervangingen plaatsvinden, waarbij een vervangen speler opnieuw aan het spel mag deelnemen.
11. In het breedtekorfbal mogen onbeperkt spelerswisselingen plaatsvinden. In deze competitie is het toegestaan gewisselde spelers maximaal één keer opnieuw aan het spel te laten deelnemen. Daarbij geldt dat de nieuwe speler op het moment van wisselen niet aan de wedstrijd deelneemt. Het maakt niet uit in welk vak de speler, die wordt teruggewisseld, wordt ingezet.
12. Bij dameskorfbal mag er nooit meer dan één jongen in een vak meespelen.
 
E-jeugd; 4Korfbal
1. voor gemengde ploegen geldt dat de sekseverdeling mag worden losgelaten indien er met hesjes wordt gespeeld, zodat het twee tegen twee principe blijft gehandhaafd.
2. de afmeting van het speelveld is 24 x 12 m. Op bestaande kunstgrasvelden is een afmeting van 25 x 15 m toegestaan tot 30 juni 2026. In de zaal is naast 24 x 12 m. een afmeting toegestaan van 20 x 12 m.
3. er wordt gespeeld met een goedgekeurde bal nr. 4.
4. de afstand van de bovenrand van de korf tot de vloer bedraagt 3 m.
5. de palen worden geplaatst in de lengteas van het speelveld op een afstand van 6 m (bij 24 x 12 m) of 4 m (bij 20 x 12 m.) vanaf de achterlijn in het midden van het speelveld vanaf de zijlijnen.
6. de duur van de wedstrijd bedraagt: zaal en veld: 4 x 10 minuten; na 10 en 30 minuten is er een korte onderbreking; deze onderbreking kan worden gebruikt voor het wisselen van spelers en het geven van korte instructies. De rust bedraagt 5 minuten.
7. na 20 minuten wordt van korf gewisseld.
8. bij aanvang van de wedstrijd heeft de thuisspelende ploeg de uitworp. Na de eerste korte onderbreking heeft de uitspelende ploeg de uitworp enzovoort. De uitworp wordt genomen in het midden van het speelveld.
9. Er mogen onbeperkt spelerswisselingen plaatsvinden. Een gewisselde speler mag opnieuw aan het spel deelnemen. Bij elke ploeg dient op elk moment in de wedstrijd ten minste één dame mee te spelen.
10. na afloop van de wedstrijd vindt een strafworpenwedstrijd plaats; het aantal strafworpen bedraagt 12 per ploeg.
11. een speler, die de bal in bezit heeft, dient de bal binnen 10 seconden na het in bezit krijgen van de bal te werpen naar een andere speler. De scheidsrechter heeft tot taak om het werpen van de bal zo goed mogelijk te begeleiden. Na ongeveer 5 seconden geeft de scheidsrechter in woord en zo mogelijk gebaar aan dat de speler haast dient te maken met het werpen van de bal. Wordt de periode van 10 seconden overschreden, dan volgt een spelhervatting voor de andere ploeg op de plaats van de tegenstander, die de bal in bezit had.
 
F-jeugd; 4Korfbal
1. Bij 4Korfbal bij de F-jeugd wordt geen onderscheid gemaakt tussen jongens en meisjes. Bij gemengde ploegen mag een dame een heer hinderen en omgekeerd. De spelregels, die gebaseerd zijn op het uitgangspunt dat een dame een seksegenote en een heer een seksegenoot als directe tegenstander heeft, zijn niet van toepassing. Daarbij moet worden gedacht aan de volgende paragrafen van de Officiële spelregels: § 3.6k (verbod om een tegenstander van de andere sekse bij het werpen van de bal te hinderen) en § 3.8 (scheidsrechtersworp; de scheidsrechter wijst twee speler van gelijke sekse aan). Omdat § 3.6k niet van toepassing is kan geen strafworp worden toegekend bij het hinderen van een tegenstander van de andere sekse bij het werpen van de bal.
2. de afmeting van het speelveld is 24 x 12 m. Op bestaande kunstgrasvelden is een afmeting van 25 x 15 m toegestaan tot 30 juni 2026. In de zaal is naast 24 x 12 m. een afmeting toegestaan van 20 x 12 m.
3. er wordt gespeeld met een goedgekeurde bal nr. 3.
4. de afstand van de bovenrand tot de vloer bedraagt 2.50 m.
5. de palen worden geplaatst in de lengteas van het speelveld op een afstand van 6 m (bij 24 x 12 m) of 4 m (bij 20 x 12) vanaf de achterlijn in het midden van het speelveld vanaf de zijlijnen.
6. de duur van de wedstrijd bedraagt: zaal- en veldkorfbal: 4 x 10 minuten; na 10 en 30 minuten is er een korte onderbreking; deze onderbreking kan worden gebruikt voor het wisselen van spelers en het geven van korte instructies. De rust bedraagt 5 minuten.
7. na 20 minuten wordt van korf gewisseld.
8. bij aanvang van de wedstrijd heeft de thuisspelende ploeg de uitworp. Na de eerste korte onderbreking heeft de uitspelende ploeg de uitworp enzovoort. De uitworp wordt genomen in het midden van het speelveld.